Congres Perined en CPZ 'Samenwerking loont'

29-nov-2018

Op dinsdag 27 november vond het congres van CPZ en Perined plaats waarin cijfers in de geboortezorg centraal stonden.
Hieronder vind je de highlights van de dag.

Internationale positie van Nederlandse geboortezorg is verbeterd
Prof.dr. Jan Nijhuis, emeritus hoofd Obstetrie en Gynaecologie en o.a. voorzitter van de Nederlandse PERISTAT-Stuurgroep liet duidelijk zien dat de perinatale sterfte is afgenomen. De positie van Nederland ten opzichte van andere Europese landen is verbeterd. Er is een aantal ontwikkelingen dat daaraan heeft bijgedragen, waaronder de intensievere samenwerking tussen alle betrokkenen in de geboortezorgketen. Daarnaast is o.a. het aantal rokende zwangeren gedaald, er zijn minder tienerzwangerschappen en er vindt structureel echoscopisch onderzoek plaats.

Niet achteroverleunen
Nijhuis riep echter op om nu niet achterover te leunen, er is nog ongelooflijk veel werk aan de winkel. Dit bleek ook uit de presentatie van Ger de Winter, directeur Perined: Het Nederlandse cijfer van 2017 laat tov eerdere jaren een afvlakking van de daling van de perinatale sterfte in Nederland zien. Verwacht wordt dat samenwerking in zorg en preventie rond zwangerschap en geboorte zal leiden tot een verdere verbetering van de kwaliteit van de geboortezorg en een verdere vermindering van de babysterfte in Nederland.

Perinatale sterfte gedaald
De perinatale sterfte in Nederland verschoof van 7,1 per duizend geboortes in 2004 naar 4,1 per duizend geboortes in 2017. De Europese cijfers zijn nog niet vergelijkbaar over 2017. Nederland verschoof van de 15e plek in 2010 naar de 11 plek in 2015.

***

Jeroen Struijs: Nulmeting RIVM laat zien dat de pre-IGO’s hoge organisatiegraad bij start hadden
Jeroen Struijs, senior onderzoeker RIVM, nam het publiek mee in de wondere wereld van data en de mogelijkheden van gekoppelde data. Struijs presenteerde het daags daarvoor gepubliceerde rapport ‘Geboortezorg in beeld’, dat het effect van integrale bekostiging laat zien. Het gaat hier om de monitoring van de pre-fase (nul-meting) integrale geboortezorg met integrale bekostiging conform de experimentele beleidsregel Integrale Geboortezorg.

Zorginhoudelijk zijn er nog weinig verschillen tussen de beoogde IGO’s en de overige VSV’s: er is geen sprake van betere zorguitkomsten bijvoorbeeld. Wel concludeert het RIVM dat bij de pre-IGO’s meer epiduralen en minder sectio’s zijn uitgevoerd en dat de totale zorguitgaven bij pre-IGO’s gemiddeld lager zijn. Wat vooral opvalt is dat beter samenwerken tot meer vertrouwen en verbeterde afspraken voor de cliënt leidt.

Ook laat Struijs zien dat en te grote focus op integrale bekostiging vertragend kan werken voor landsbrede integrale geboortezorg en intensievere samenwerking. Integrale bekostiging is immers een logisch gevolg van integrale samenwerking en geen doel op zich.

Alle VSV’s die zijn overgestapt op IB hadden allemaal al een behoorlijk hoge organisatiegraad. IGOs geven aan dat het overstappen op IB heeft geleide tot een nog intensievere, beter gestructureerde en minder vrijblijvende samenwerking.

Struijs besloot zijn verhaal met een blik naar de toekomst: met het koppelen van nog meer data moeten inzichten en informatie in grotere mate voor de sector beschikbaar worden.

***

Workshops
Na een korte pauze verdeelden alle deelnemers zich in het prachtige Muntgebouw over een vijftal workshops.

Workshop handreiking indicatoren
Simone Vankan en Maurice Wouters vertelden over hoe met de indicatoren integrale geboortezorg de kwaliteit van zorg in het VSV te verbeteren is. De KNOV en de NVOG hebben samen met Bo Geboortezorg een tweetal handreikingen geschreven die direct toepasbaar zijn in elk VSV. Je vindt ze hieronder.

DOWNLOAD:
Handreiking Ketenindicatoren
Handreiking PDCA Cyclus

Workshop samen beslissen in de geboortezorg
Hiske Ernst nam bezoekers mee in de implementatie van de ICHOM uitkomstenset zwangerschap en geboorte. Uitleg over patiëntgerapporteerde uitkomsten en ervaringen (PROMs en PREMs) en hoe deze nu al in de praktijk gebruikt kunnen worden, maakten deze workshop bijzonder leerzaam.

Workshop focus op cliëntgerelateerde informatie
Omdat In de zorgstandaard Integrale Geboortezorg de vrouw en haar kind het uitgangspunt is werd een workhop over de Focus op cliëntgerelateerde informatie aangeboden. Ger de Winter en Mieke Stam maakten zowel aan in- als aan output kant duidelijk wat e.e.a. betekent voor de kwaliteitsregistratie. Wat willen de klanten van hun zorgverleners weten en wat willen de zorgverleners van hun klanten weten?

Workshop inbreng van ouders bij de perinatale audit
Wineke Bremmer en Ageeth Rosman brachten inzicht in de landelijke pilot over de Inbreng van ouders bij de perinatale audit.

Workshop optimale registratie
In de vijfde workshop, onder leiding van Anne Marieke Arns en Sanne Koole, werd de weg naar een optimale registratie uitgebreid besproken.
In een ster veranderend IT-landschap is realtime informatie het streven. De vraag hoe dat te bereiken hoe daarbij de datakwaliteit daarbij overeind te houden stond centraal.

***

Na de workshops kwamen alle deelnemers – geïnspireerd en wel – weer naar de plenaire zaal voor de afsluiting.

In het laatste uur werd de stand van de geboortezorg besproken met de smaakmakers binnen onze geboortezorg. De paneldiscussie werd geleid door niemand minder dan Ria Bremer, voor velen bekend van – uiteraard – Stuif es in, Vinger aan de pols, maar nu vooral ook van de documentairereeks ‘Hoe bevalt Nederland?’

Jan van Lith, voorzitter NVOG, Mieke Beentjes, voorzitter NVOG, Willem de Vries, NVK, Marja Huizer, voorzitter Bo Geboortezorg, Heleen Post, manager kwaliteit Patiëntenfederatie en Eurostat-lid Jan Nijhuis namen de stellingen uitgebreid door.

  • De kwaliteit van zorg wordt niet beter door het gebruik van uitkomstindicatoren
  • Patiënt gerapporteerde uitkomsten en ervaringen moeten het gesprek in de spreekkamer bepalen.
  • De door de cliënt gerapporteerde uitkomst is belangrijker dan de klinisch vastgestelde uitkomst
  • Inbreng van ouderervaringen past binnen een veilige audit.
  • Het is de taak van iedere zorgverlener dat de juiste informatie tijdig aangeleverd wordt.

    Duidelijk werd dat de betrokkenheid van de cliënt in de geboortezorg nog beter kan. Juiste informatie op de juiste plek is een belangrijke voorwaarde voor wederzijds begrip.